
Wie vanaf 2028 in de spitsuren stroom van het net haalt, gaat meer betalen, en wie dat ‘s nachts of midden op de dag doet, betaalt minder. Dat heeft de Autoriteit Consument & Markt (ACM) besloten. Bedrijven krijgen ermee te maken in 2028, huishoudens een jaar later. Volgens de netbeheerders daalt de piekvraag van huishoudens daardoor met ongeveer 10%, waardoor er zo’n 700.000 extra woningen op hetzelfde net passen zonder nieuwe kabels.
Volgens René Pruijssers, ceo van energieaggregator Covolt, laat dat zien wat aggregators dagelijks in meetgegevens zien: het net zit maar een paar uur per dag vol. De rest van de tijd blijft er ruimte onbenut. Toch ligt de verantwoordelijkheid om de spits te mijden nu bij de gebruiker, terwijl netbeheerders in hun eigen plannen blijven rekenen met een piek die er altijd is. De ACM verwacht dat netbeheerders de komende vijftien jaar zo’n 235 miljard euro in het stroomnet steken. Dat betalen we terug via de nettarieven, die volgend jaar al met ongeveer 20% stijgen. Ondertussen wachten bijna 15.500 bedrijven en instellingen op een nieuwe of zwaardere aansluiting en kunnen ze niet uitbreiden of verduurzamen.
Dat flexibiliteit weinig meetelt, bleek bij de toets van het investeringsplan van netbeheerder Stedin. De ACM stelde vast dat batterijen en flexibel gebruik nauwelijks zijn meegewogen bij het bepalen van knelpunten en investeringen. Stedin ging ervan uit dat batterijen de drukte op het net niet beïnvloeden. Volgens Pruijssers werkt flexibiliteit in de praktijk wel. Logistiek vastgoedbedrijf Prologis opende in Almere een distributiecentrum van 23.000 vierkante meter op een plek waar de netbeheerder tot zeker 2035 maar 55 kilowatt kan leveren. Met zonnepanelen, batterijen en slimme sturing komt het bedrijf daar op ruim 400 kilowatt. Recreatiepark Landgoed De Zandleij draait met 125 vakantiewoningen op een aansluiting van 41 kilowatt, doordat het ‘s nachts batterijen laadt en die stroom overdag gebruikt.
Pruijssers erkent dat niet elke ondernemer enthousiast is. Stedin meldt in het investeringsplan dat klanten weinig animo tonen voor flexcontracten, en een ondernemer wil zijn productie niet laten afhangen van een netbeheerder die belt om minder te verbruiken. Een onderzoek in opdracht van het kabinet adviseerde daarom om flexibiliteit minder uit het bedrijfsproces zelf te halen en meer uit batterijen, warmtekrachtkoppelingen en elektrische boilers.
In Vlaanderen is de afweging al verplicht: netbeheerders moeten in hun investeringsplannen bepalen of ze extra investeren of flexibiliteit inkopen. Pruijssers wil dezelfde verplichting in het Nederlandse wetgevingspakket voor snellere netuitbreiding. Netbeheerders zouden bij elke grote uitbreiding moeten aantonen of batterijen, slimme sturing of flexcontracten de piek kunnen opvangen, kosten, doorlooptijd en opbrengst moeten vergelijken met een nieuwe kabel of een nieuw station, en de ACM zou die afweging moeten toetsen. Volgens hem is daar geen nieuwe bureaucratie voor nodig, omdat de investeringsplannen al bestaan en de ACM ze elke twee jaar toetst. Blijkt bouwen daarna nodig, dan wordt er gebouwd.
Bron: Het Financieele Dagblad, opiniebijdrage van René Pruijssers (ceo Covolt), “Netbeheerders moeten de stroomspits aanpakken vóór ze gaan bouwen”
https://fd.nl/opinie/1616478/netbeheerders-moeten-de-stroomspits-aanpakken-voor-ze-gaan-bouwen?utm_medium=social&utm_source=app&utm_campaign=earned&utm_content=20261029&utm_term=app-android
Relevante berichten



